Een munt is altijd een stille getuige van zijn periode. Ik wil dat graag aan u laten zien met een paar voorbeelden.



De eerste grote munt van België, de zilver vijf Frank 1831

In 1831 werd Leopold van Saksen-Coburg-Gotha onze eerste Koning. De Munt van Brussel sloeg onder leiding van de kersverse Graveur-Generaal Joseph Pierre Braemt al in 1832 de eerste grote munt van ons land: de zilveren vijf Frank.

Braemts muntportret van Leopold I in heroïsche stijl
In 1832 bestond ons land amper twee jaar. We hadden ons afgescheiden van Nederland, maar de mokkende Koning Willem I, legde zich daar pas in 1839 bij neer. Al die tijd hield hij zijn leger paraat aan de grenzen met België. Niemand wist of Willem I niet zou proberen ons land met geweld weer bij het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden te dwingen. Braemt beeldde onze kersverse Koning af als een zegevierend vorst. Het heroïsche portret met lauwerkrans geeft aan dat met deze Leopold I niet valt te spotten.

Zestien jaar later, in 1848, won de 26-jarige Leopold Wiener de ontwerpwedstrijd voor nieuwe munten. Zijn muntportret van Leopold I was heel anders dan dat uit 1832.

Wieners portret van Leopold II in een serene stijl
In 1848 was het prestige en de positie van Leopold I nationaal en internationaal stevig gevestigd. Hij had geen lauwerkrans meer nodig op zijn munten om zijn positie te onderstrepen. Wiener gaf hem blootshoofds weer, als de serene eerste burger van zijn land. Het nieuwe portret van de Koning is heel anders dan dat uit 1832.


Leopold II en Albert I
Wiener ontwierp ook het blootshoofds muntportret van Leopold II dat diens hele regeringsperiode is gebruikt. Godfried Devreese gaf de munten van Koning Albert I een portret zonder opsmuk. Maar op de enige gouden munt van Albert I uit 1914 draagt de Koning het uniform van opperbevelhebber van onze strijdkrachten. Dat heeft zeker te maken met het steeds grotere militaire vertoon van het keizerrijk Duitsland. Mocht onze neutraliteit geschonden worden dan was duidelijk dat onze Koning de verdediging van België zou leiden.

Deze vier munten geven elk een raak beeld van hun tijd. In 1832 zijn wij net vrij. In 1848 is ons land in rustig vaarwater beland. Leopold II heeft 44 jaar in vrede geregeerd, hij had op zijn munten geen militair vertoon nodig. Albert I ook niet op zijn eerste munten. Zijn gouden 20 Frank 1914 geeft aan dat we misschien ons land zullen moeten verdedigen. Al deze munten weerspiegelen hun tijd.